U bent hier: Startbladzijde > Wij over ons > Oerchristendom -
voor of tegen?
 > Oerchristendom - voor of tegen?

Oerchristendom - voor of tegen?



Onderstaand zijn uittreksels uit de inhoud van een gespreksronde weergegeven van de Kosmische Levensschool met het thema: Oerchristendom – voor of tegen?, die naar honderden radiozenders en naar de "plaatsen van oerchristelijke ontmoeting" wereldwijd werden uitgezonden.

 

 

De stroom van het oerchristendom

Is het oerchristendom niet een reeds lang voorbije beweging, die toentertijd uit joden en heidenen bestond, die zich na de dood van Jezus verenigden en als de eerste christenen optraden, een tot twee eeuwen lang, tot uit de vroege christelijke gemeenten de zogenaamde christelijke kerk ontstond? Sindsdien, denken velen, was er dan geen sprake meer van oerchristenen, maar alleen nog van christenen; de oerchristenen raakten klaarblijkelijk in de vergetelheid. In werkelijkheid was het echter heel anders:

De oerchristelijke stroom is nooit opgedroogd, maar er kwamen steeds opnieuw gelouterde christenen, mystici en verlichte mannen en vrouwen, die een innerlijk christendom in de navolging van Jezus van Nazareth leefden en onderwezen. Door de kerken werden zij steeds opnieuw onderdrukt; en zij betaalden hun opkomen voor een waar christendom vaak met hun leven. Het bekendst zijn de Katharen, die door de kerk uitgeroeid werden. Ook willen wij de Manicheërs en de Bogumilen noemen, die men eveneens vervolgde. Denk ook aan grote persoonlijkheden zoals Origines of Meester Eckehard, die ternauwernood aan de inquisitie ontkwamen, of Savonarola, die door de inquisitie terechtgesteld werd. In dit verband noemen wij ook mystici zoals Mechtild von Magdeburg of Birgitta von Schweden en anderen, die gedeeltelijk ook uit de profetische bron putten.

De oerchristelijke bron, die deze mensen voedde, is momenteel een machtige stroom geworden. Geïnspireerd door het profetische woord van Gabriële, de profetes en verkondigster van God voor onze tijd, ontstond de gemeenschap van oerchristenen in Universeel Leven. Zij sluit direct aan aan de leer van Jezus van Nazareth, vooral aan de Bergrede, bovendien aan de openbaringen uit de goddelijk-geestelijke wereld door de profetes van de huidige tijd. In deze openbaringen wordt het leven van Jezus geschilderd, de betekenis van Zijn Golgotha-offer en zijn verrijzenis verklaard. De mensheid ervaart, dat de in Jezus geïncarneerde Christus Gods tegenwoordig in geestelijke gestalte de aarde nadert, om met Zijn getrouwen het vredesrijk van Jezus Christus op te richten. En niet op de laatste plaats wordt in de Christusopenbaringen de Innerlijke Weg naar God geleerd, een weg van zelferkenning en naastenliefde ten opzichte van de medemens, natuur en dieren.

Men kan dus zeggen: de oerchristenen zijn er weer. Zij worden door de geestelijke wereld rijk bedeeld en willen deze genadegeschenken graag aan hun medemensen doorgeven. Iedereen zal kunnen toetsen, wat oerchristendom betekent, hoe het zich van het kerkenchristendom onderscheidt, hoe het ieder persoonlijk en de gehele mensheid kan helpen de aardse problemen te overwinnen.

Het doel van een oerchristen is de navolging van Jezus, de Christus

De oerchristenen zijn er weer. – Doch is het werkelijk zo, dat allen, die zich oerchristenen noemen, werkelijk voor Christus zijn? Of zijn er ook oerchristenen die heel erg wankelen tussen voor en tegen? Het doel van een oerchristen is altijd de navolging van Jezus, de Christus, door de stapsgewijze vervulling van de leer van Jezus, die vooral in de Bergrede weergegeven wordt. Hebben wij het doel voor ogen: vóór Christus – dan is er voor ons geen tégen de grote Geest. Als er dus oerchristenen zijn, die de ene keer vóór en de andere keer tégen zijn, dan is de gevolgtrekking: zij zijn geen oerchristenen.

Oerchristendom is daad-christendom

Oerchristendom is een daad-christendom, wat betekent, te doen, wat Jezus, de Christus zei: »Wie Mijn leer hoort en deze doet, is een wijze man«. Het voor en tegen – een beetje oerchristendom, een beetje al-te-menselijkheid ofwel zondigheid – schept een discrepantie in de mens, want tenslotte heeft hij niet gekozen. Dus verlangt Jezus, de Christus, een duidelijke beslissing vóór Hem, want Hij zei in Zijn Bergrede: »Jullie echter dienen volmaakt te zijn, zoals het ook jullie hemelse Vader is.«

Geen mens, ook geen oerchristen is al volmaakt, maar Christus geeft ons het doel voor ogen, op de Innerlijke Weg, volmaakt te worden, om uiteindelijk volmaakt te zijn, als het doel is bereikt.

Wat verstaan oerchristenen onder innerlijk christendom?

Aan het innerlijke christendom ligt het toewenden tot de grote Geest in ons ten grondslag. Wij voelen ons als zonen en dochters van God en geloven, dat er er een eeuwige Vader is, een zoon, die wij Christus noemen en die steeds meer bewust in ons levendig wil worden. Hij wil ons niet uiterlijk, maar van binnenuit naar de wetmatigheden leiden, waaruit een leven naar Zijn wil onstaat.

Jezus sprak tot ons: »Het rijk Gods is binnenin jullie«. Dat betekent dus: ieder mens is de tempel van de Heilige Geest, want het rijk Gods, het Zijn, de wet van het leven, is in de zielenbasis. En zodoende is God, het leven, in ieder van ons aanwezig. Oerchristenen gaan niet naar een kerk. Waarom ook? Reeds door de grote profeet Jesaja sprak God; »De hemel is mijn troon en de aarde Mijn voetenbank. Wat zou dat voor een huis zijn, dat jullie Mij zouden kunnen bouwen? Want dat alles heeft Mijn hand gemaakt.«

Oerchristenen treffen elkaar wel, in eenvoudige zalen; zij bidden samen, maar zij gaan in hun innerlijk – in het innerlijke rijk, dat in de zielenbasis is verankerd – en bidden naar binnen toe, naar God, hun Vader, naar Christus, hun Verlosser.

De kerkelijke priester ziet zichzelf als bemiddelaar. Doch Jezus heeft nooit over bemiddelaars gesproken Hij zei:»Volgt Mij na« - Hij zei niet: »Volgt een priester, een bemiddelaar, na«. Dus is de hele priesterkaste door mensen ingesteld. En deze priesterkaste heeft al eeuwen verhinderd, dat het innerlijke christendom beoefend wordt, doordat deze beweerde, dat de Bergrede normaliter niet te leven is, maar een utopisch doel is; en doordat zij de Tien Geboden slechts in het uiterlijke predikte, maar deze zelf nauwelijks omzette.

Het innerlijke christendom - »Ga jij in jouw tempel, en bid in jezelf« - is het ware christendom. Daaruit volgt het antwoord op de vraag: door wie werden de Katharen, de Manicheëers, de Bogumilen, al deze oerchristelijke gemeenschappen, vervolgd en uiteindelijk gedood? – Toch door de priesterkaste!

Jezus daarentegen gebood: wat je van anderen verwacht, doe jij dat eerst voor hen. Andersom gezegd: wat jij niet wilt, dat jou geschiedt, doe dat ook een ander niet.

Wat betekent het oerchristen te zijn?

Oerchristen zijn betekent dus aan zichzelf werken. Oerchristen zijn betekent, het doel, één te worden met God, onze Vader, via Christus, onze Verlosser, nooit en te nimmer uit het oog te verliezen, maar dag in dag uit, stap voor stap de grote Geest naderbij te komen.

En hoe kan de mens inzien waar het bij hem aan mankeert? Zijn dagen laten het hem zien. Iedere dag brengt voor ieder persoonlijk andere zorgen, blijdschap, problemen enzovoort. De dag is telkens zijn dag. De dag is een vingerwijzing en een teken, wat er bij de mens aan al-te-menselijkheid – wij zeggen ook zondigs – aanwezig is. En hoe merken we dat? Als we ons erg opwinden en bijvoorbeeld een ander de schuld geven voor onze zorgen, voor onze moeilijkheden en plagen: als wij in gedachten tegen de naaste zijn, ook met onze woorden, als wij strijd beginnen, vijandigheden, als wij tegen moord zijn en eventueel doodslag nog kunnen goedkeuren – dan betekent dat: wij zijn tegen Christus, ook als wij tot een institutionele kerk behoren en iedere dag een zogenaamde heilige mis bijwonen.

Oerchristenen volgen Jezus, de Christus, na

Navolging van Jezus, de Christus wil zeggen, aan zichzelf werken, iedere dag te benutten door te vragen: wat willen deze gedachten of deze vreemde beelden in mijn bewustzijn mij zeggen? Wat wil deze mens mij zeggen, die mij vandaag zo afsnauwt? Een collega, die mij minacht, de baas, die niet tevreden is met mijn werk? – Dat zijn allemaal aanwijzingen uit de dag. Uit zijn dag kan een oerchristen aflezen, wat er bij hemzelf aan de hand is, als hij zich mateloos opwindt. De kerk daarentegen heeft dat haar gelovigen "afgenomen", want daar wordt vaak beweerd, dat het geloof in Christus alleen genoeg zou zijn. Als dat waar was, zou het er in de wereld toch veel beter uitzien! Want veel mensen zeggen: »ik geloof in God« of »ik geloof in Christus«. Zou het geloven voldoende zijn, dan zou ook de natuur gezond zijn; dan zouden de dieren in vrede kunnen leven; dan zou er een grote eenheid heersen. Maar zo is het niet! De aarde heeft koorts. Onder de mensen heersen angst, gebrek en zorgen. En dat, terwijl velen zeggen: »ik geloof!« Van kerkelijke zijde heet het: »Jezus heeft aan het kruis al onze zonden op zich genomen.« Als dat waar was, dan zou al het negatieve vergeven en vergeten zijn. Dan zou toch ieder van ons rein zijn en de wet van liefde, vrijheid, eenheid en broederlijkheid leven. Dan zouden wij toch allemaal bewuste kinderen, zonen en dochters van God zijn en de aarde zou herademen.

Naar aanleiding van deze uiteenzetting zal zo menigeen wel denken: »Maar dat is inspannend!« Misschien zegt ook u, beste lezer, bij uzelf: » Dat oerchristendom is blijkbaar niet eenvoudig! Daar moet je wat doen! Je moet de dag benutten. Je moet bij jezelf nagaan, moet berouw ontwikkelen, moet om vergeving vragen en vergeven. En tenslotte moet je diezelfde gedachten, woorden of handelingen ook niet meer denken, zeggen of doen. – Dat is toch vermoeiend! - Daarentegen neemt de kerk mij alles af. Ik ga naar de kerk, en dan is alles okay.«

Men zou, zo denkt men, de zogenaamde kerk-christenen kunnen benijden, die door de biecht of een paar gebedjes hun zonden schijnbaar makkelijk kunnen delgen. Maar dat functioneert niet! Dus moeten we toch aan de wortels van ons voelen, denken en handelen komen, wat vaak een beetje moeilijk is. Maar het loon, zichzelf te leren kennen, steeds meer de Christus-Gods-kracht als hulp aanwezig in ons te voelen, brengt ook blijdschap en overheerst verreweg deze inspanning.

Niet ieder, die zich oerchristen noemt ...

Zo moeten wij ook als oerchristenen zeggen, dat zo menigeen, zich naar buiten toe als oerchristen voorgeeft, als het ware leurt met uitspraken als: »Men zou moeten ...« Men zou kunnen ...« En zo menige zogenaamde oerchristen, die met de mening »Men zou moeten ...« Men zou kunnen ...«, »Ja, dat zou goed zijn, als men dat zou doen« enz. ouder is geworden, zegt dan in de ouderdom: »Men had het moeten doen ...« Hoe staan oerchristenen ten opzichte van deze zogenaamde oerchristenen, die geen doel hadden, die de woorden gebruiken »Men zou moeten«, Men zou kunnen« en later: »Men had het moeten doen, maar ...«?

Oerchristenen, die in de navolging van de Nazarener staan – die ook nog onvolmaakt zijn – verfijnen mettertijd hun vijf zintuigen, waardoor ook de gedachten en woorden edeler worden en de daden onbaatzuchtiger – voor Christus. Komt een oerchristen met zijn voortdurende »Men zou moeten«, Men zou kunnen«, »Men had het moeten doen« enz. aan, dan weet de oerchristen op de weg naar Christus, hoe hij het zo’n zogenaamde oerchristen moet zeggen. Zoals gezegd, de woorden worden fijner. Men spreekt niet alles botweg uit en spreekt de naaste niet aan met de bedoeling hem te kwetsen. Men kiest de woorden bewust; dat heeft de oerchristen geleerd op de weg. – Bijvoorbeeld zou een oerchristen op de weg tegen een zogenaamde oerchristen kunnen zeggen: »Mag ik je iets vragen: ontbreekt je het doel in oerchristelijke zin?« Of: » Wij zijn allen onvolmaakt. Maar wij zouden ons toch af moeten vragen: hebben wij niet de dag, die ons aanwijzingen geeft, om onszelf te erkennen – vooropgezet, dat we het doel hebben?« Of de oerchristen op de weg zegt: »Laten we toch eens aan de Bergrede denken: wat jij wilt, dat anderen doen, doe jij dat eerst voor hen!« Of: Zie toch in je naaste ook eens het positieve! Hij is niet alleen negatief; hij heeft ook iets goeds!« - Naar het goede te kijken, het goede te beamen, leidt ons weer naar onszelf, om onszelf

Naar het goede te kijken, het goede te beamen, leidt ons weer naar onszelf door bij onszelf na te gaan: wat is er bij mij nog niet in orde? - Zo worden de zintuigen steeds fijner en onze woorden edeler en bewuster.

Het Christus-jaar

Wij oerchristenen hebben van Jezus, de Christus, de Verlosser, die ook in de huidige tijd de profetische Geest is, het Christus-jaar gekregen. Dat betekent Christus in ons – Christus in onze naaste.

Misschien kunnen wij u, beste lezer, een kleine hulp geven uit het Christus-jaar: in ons, in de buurt van ons hart, is de grote Christus-bron, is de verlossende kracht. In de buurt van ons hart pulseert de Christus-Gods-kracht. Daarom zouden we onze rechterhand in de buurt van ons hart kunnen leggen, dus op onze borst, en ons gevoel naar binnen richten en Christus in ons op kunnen opbellen:

»Christus, Jij bent in ons. Jij bent de kracht en de liefde, de wijsheid en grootheid. Sta mij alsjeblieft bij!« - En dan zeggen wij diep in ons innerlijk: »Christus in Mij! – Christus ook in mijn naaste!« - Als wij deze woorden van harte, overtuigd, naar ons innerlijk uitspreken, dan worden we opeens rustig. Wij nemen ons een beetje terug – dat wil zeggen, ons ego neemt zich terug -, en wij zullen nu ten opzichte van onze naasten heel andere woorden kiezen. Dan kan uit vijandigheid of ruzie zelfs vriendschap ontstaan.

De Gods- en naastenliefde is het gebod van het leven

Hoe zeer heeft de "traditie" van de kerk toch de God van haat, van angst gepropageerd! Hoe zeer werden ontelbare mensen en zielen misvormd! Daarentegen heeft het oerchristendom altijd voor de God van liefde borg gestaan, zoals Jezus, de Christus ons Hem onderwezen heeft. Ook nu, in de nieuwe oerchristelijke stroom, schenkt de Vader de mensheid Zijn goddelijke liefde in oneindige overvloed, in vele boeken, in ontelbare openbaringen, in duizenden scholingen door Gabriële, God is werkelijk een God van liefde!

Niemand van ons is alleen. Mogen deze woorden ons hart bereiken: niemand van ons is alleen!

In ieder van ons woont de Geest Gods. De Geest Gods is liefde. Hij kent ons. Hij weet hoe het met ons staat. Hij ziet onze problemen en zorgen. Hij kent onze gebreken en ons lijden. Hij wil ons helpen. Hij wil ons bijstaan. Hij wil onze vriend zijn. De grote Geest van liefde is de Geest van de Vader-Moeder-God, het is de Geest van onze eeuwige Vader in het eeuwige rijk, onze Vader!

Laten we ons tot Hem wenden! Laten we naar binnen bidden. Laten we ons een doel stellen: met Christus naar God, onze Vader!

Laten we ons ten doel stellen, iedere dag God nader te komen door de stapsgewijze vervulling van Zijn heilige leer, dan voelen we: God heeft ons lief. En wij zullen niet alleen voelen dat Hij ons liefheeft, omdat wij vrijer worden en van binnenuit gelukkiger, maar wij ervaren, dat God, de liefde, door Christus, onze Verlosser, ons bijstaat. Dat de dagen lichter worden, dat het op het werk gemakkelijker wordt; dat wij zo menige leiding ontvangen, dat wij merken, Hij is hier, Hij is aanwezig, en wij zijn niet alleen.

Dat is de grote liefde, die de oerchristenen op weg naar de liefde, tot God, onze Vader, steeds vaker voelen. Juist in onze turbulente tijd is het van het grootste belang: te weten, de Geest Gods is in ons. Wij zijn niet verlaten, wij worden bemind en God wil ons helpen. En Hij zal ons helpen, als wij de dagelijkse stappen doen: nader tot God in ons!

 

© 2014 Universelles Leben e.V. • E-mail: info@universelles-leben.orgImpressum