Woorden des levens
Leven is communicatie
Gabriële, de profetes en verkondigster van God voor onze
tijd, lichtte dit thema toe in de Kosmische Levensschool op 22.04.2001. Een kort
uittreksel:
Wij hebben geen communicatie, omdat we onvrij zijn. Wij zijn aan het menselijke
en het al-te-menselijke gebonden, dat ons in het dagelijks leven beweegt,
waarover wij nadenken, dus »monologen« voeren. Daardoor gaan we aan onze naaste
voorbij.
Iedereen, die in zichzelf onvrij is, heeft dus geen goede communicatie met zijn
naaste, hoogstens een uitwisseling van het ego. Om communicatie - echte
communicatie - te verkrijgen, moeten we eerst vrij worden van ons ego, waarmee
we langs de naaste heen praten. Wij delen alleen onszelf mee, de ander deelt
zich ook mee - wij praten langs elkaar heen en menen, dat dit communicatie is.
Het ego heeft betrekking op het lichaam en is niet het leven. Het is het
menselijke bestaan. Pas wanneer we van onszelf, van ons ego, vrijkomen, om het
kosmische IK BEN te verkrijgen, - de ingaven of de inspiratie van binnen -, dan
pas beginnen we te leven. Dat wil zeggen: we moeten het leven, dat ons ware
leven is, eerst eens van binnenuit gestalte geven. Al het andere is de
uitwisseling van het ego.
We moeten dus aan onszelf leren, om ons dagelijks te verfijnen, zodat de Geest
van de oneindigheid door ons kan werken. De uitwisseling van het ego is
menselijk. Wij zijn echter niet alleen mensen, maar in de innerlijke aanleg
kosmische wezens.
Om te leren, moeten we onszelf erkennen, ons lagere zelf, dat we dagelijks met
woorden prijsgeven, dat we onze naaste meedelen en denken, dat we dan
communicatie met hem hebben.
Leren, om het leven te verkrijgen, dat van binnenuit komt, betekent, onszelf in
alles te ondervragen, alles, wat we zeggen, alles, wat we denken of voelen. Is
het geweten nog actief, dan voelen we al gauw, dat achter onze woorden of
gedachten iets heel anders afloopt dan wij aan de oppervlakte denken of zeggen.
Hetgeen achter de woorden, achter de gedachten of achter onze gevoelens afloopt,
zijn namelijk wij, en dat is vaak helemaal niet zo mooi als wij naar buiten
voorwenden.
Pas wanneer we hetgeen »erachter« ligt, inzien, met de kracht van de Geest
bereinigen en hetzelfde of iets dergelijks niet meer denken, zeggen, doen of
willen, komen we vrij van bindingen aan onze naaste, die het een of ander voor
ons moet doen, die dit of dat voor ons moet maken, die voor ons moet spreken of
die we persé willen helpen, hoewel hij weet, wat hij zou kunnen doen.
Wie datgene niet bereinigt, wat »erachter« ligt, bindt zich steeds weer aan
mensen. Hij wil attenties van de naaste; hij wil waardering van de naaste; hij
wil, dat de naaste iets voor hem doet, hoewel hij het zelf zou kunnen doen; hij
wijst anderen af, plaatst zich boven de naaste etc. Dat is binding. Dat betekent
ook uitwisseling van het ego. Wanneer de een dan over deze dingen met de naaste
spreekt en de ander bevestigt hem en zegt: »Ja, ja, je hebt volkomen gelijk, zo
is het«, dan is dat een oppervlakkige communicatie, in werkelijkheid is het een
ego-uitwisseling.
Leven is communicatie, het is kosmische communicatie. Willen we leven, dus echte
communicatie hebben, dan moeten we de eerste stappen doen, door ons steeds weer
te ondervragen. Daarbij helpen ons onze vijf zintuigen, die toch vaak de
gedachten of onze gesprekken afroepen.
Iedereen kan het bij zichzelf nagaan: als de blik op iets valt, begint hij te
denken. Wat denkt hij? Wat ligt er achter de gedachten? Dat is hij. Wat voelt
hij? Wat ligt er achter de gevoelens? Dat is hij. Als we dus ons
al-te-menselijke niet afleggen, kunnen we ook geen echte communicatie opbouwen
met onze naaste.
Gebondenheid is onvrijheid, en vrijheid is leven.
Ware communicatie - niet de ik-communicatie -. betekent, de ander te begrijpen.
Kosmische communicatie betekent: ik begrijp mijn medemens. Al ben ik het bijv.
ook niet eens met hetgeen hij zegt, maar innerlijk leer ik hem kennen en
begrijpen. En daaruit ontstaat dan ook de beslissing voor mijzelf: ga ik op het
al-te-menselijke in? Dan kan ik zeggen, ik heb compromissen gemaakt en
compromissen leiden weer tot bindingen. Neem ik het positieve van de mens,
bevestig ik het positieve, dan laat ik hem ook vrij. Vrij te beslissen, hoe hij
het wil, maar ik hoef me niet aan het al-te-menselijke te binden. Dan kan ik
zeggen: ik heb communicatie met mijn naaste, met zijn ware wezen. Heb ik deze
communicatie in mijzelf geleerd, dan heb ik ook communicatie met mijn naaste,
met het innerlijk van mijn naaste en tegelijk communicatie met de natuur en met
de dieren.
Dit is slechts een klein uittreksel uit de Kosmische Levensschool, het treffen
van alle Godzoekers, dat elke zondag om 10.00 uur in veel plaatsen van
oerchristelijke ontmoeting plaatsvindt.
Heeft u interesse? Zou u graag een samenkomst live meebeleven?
Schrijft u ons!